Sommige mensen trekken wel eens een foto ’s avonds. Ze willen een stad in het donker zien. Met verlichting op de achtergrond. We zien een silhouet, een zwarte omtreklijn van gekende gebouwen (kerken, bedrijven, station, bib, appartementen, …), monumenten (Eifeltoren, atomium, Big Ben, …) of standbeelden.
Als voorbereiding op “Geroezemoes” speelden de leerlingen allerlei opdrachten m.b.t. “water”.
*Kringoefening: laat de kinderen in een kring staan en elkaar een beweging geven die iets met water te maken heeft (vb. druppelen, golven, spatten). De rest doet na.
*Energie-oefening: “Word een waterdruppel!” – de kinderen bewegen klein en zacht, maar groeien tot een grote golf die weer terug inzakt.
*Verkennen van waterbewegingen Hoe kan water zich bewegen? (vb. stilstaand, kabbelend, golvend, wild, stormachtig, stromen, vallen, druppelen). De lln. bewegen in de ruimte: -één keer individueel (iedereen zoekt eigen vorm) -daarna per 2 of 3 (ze vormen samen een golf of een rivier)
*Kleine scènes maken Bedenk een korte scène (max. 1 minuut) waarin jullie water zijn. Kies uit bvb. : regenbui, rivier, storm, oceaan, fontein…” Nadien tonen ze dit aan elkaar.
*Reflectie & afronding Iedereen toont 1 beweging die voor hen het best “water” samenvat.
Vraag: Hoe voelde het om water te spelen? Welke beweging vond je het mooist/sterkst?
Meer en meer proberen steden met ondergronds water de rivieren terug zichtbaar te maken.
Dat heeft allerlei voordelen: -je kan zien waar er lekkages zijn -je kan verstoppingen in de ondergrondse rivier sneller vinden -de mensen genieten terug van het stromend water -de natuur komt dichter in de stad (vissen, reigers, aalscholvers, kikkers, …) -water geeft een rustgevend gevoel -je kan snel ruiken als er iets “verkeerd” loopt met de zuiverheid van de rivier -kajakkers kunnen weer genieten van het water en de huizen die aan de rivier liggende stad krijgt “leven” door het stromend water -…
Deze woordenschat kwam o.a. aan bod bij de kunstwerken: overlapping – perspectief – spiegelen – spiegelas – raamkozijnen – weerspiegeling – reflectie
Zoals heel wat grote steden, heeft Leuven allerlei poorten. Dat waren in de middeleeuwen de toegangspoorten om de stad in te mogen. Mensen kwamen handel drijven (dingen kopen en verkopen), zoals nu nog steeds op de markten. Voor je de stad binnen mocht, moest je een toelating laten zien aan de poortwachters of stadswachters.
Ook bij grote aanvallen van een stad, werden de poorten gesloten gehouden.
Op sommige plaatsen zien we ook echt nog de “poort”/ toren staan.
Leerlingen maakten alvast enkele poorten, torens.
In Leuven kennen we o.a.: Naamsepoort Oude Brusselsepoort Wijngaardpoort (later Brusselssepoort) Mechelsepoort Aarschotsepoort Diestsepoort Tiensepoort Parkpoort
Sterrenbeelden zijn patronen van sterren die ogenschijnlijk een figuur vormen aan de nachtelijke hemel.
Ze worden gebruikt in de astrologie en hebben bijbehorende datums en eigenschappen, zoals vastgelegd in de cyclus van de dierenriem.
Er zijn ook veel andere sterrenbeelden die niet tot de dierenriem behoren, zoals de Grote Beer en de Grote Hond.
Anders dan bij astronomie (wetenschap over de sterren) is de waarde van astrologie niet wetenschappelijk bewezen. Een bijnaam voor astrologie is dan ook ‘sterrenwichelarij’.
Op maandag 13/10/2025 maken we een kleine wandeling in het Dijleparkje.
We verzamelen allerlei natuurelementen van de herfst. Hier schrijven we dan nadien wat we allemaal hebben gevonden. We vonden blaadjes van de: -linde -eik -esdoorn -wilde kastanje
En ook denne-naalden (den / duo met 2 naaldjes in 1 napje). (spar/ solo met 1 naaldje in 1 napje)
In de klas bestudeerden de leerlingen, als echte wetenschappers, alle gevonden “natuur” onder de miscroscoop.
Meester Steven had ook een druppeltje Dijle-water om te onderzoeken. Wat een zuiver, doorzichtig water!
Samen met de leerlingen zochten we welke “soorten” water er allemaal is. We vonden: -regenwater -rioolwater -putwater -grondwater -smeltwater -rivieren -bronwater -oceanen -zeeën -dauw -mist -…
En toen lieten ze het zelf wat miezeren, regenen, stormen…
We zien dat er ook overstromingen kunnen gebeuren.
In de herfst zie je verschillende soorten ‘neerslag’. Rukwinden, stortbuien en hagelslag zorgen voor een beeldenstorm in de mailbox van Frank Deboosere en Sabine Hagedoren.
Aarde en ruimte: “Hoe ontstaan buien en bliksem, en wat doe je als je in noodweer terecht komt? Via internet kunnen we op de buienradar zelf een bui zien aankomen. Verder kijken we naar verschijnselen als dag en nacht, seizoenen, temperatuur, neerslag, wind, luchtstormen, remote sensing en andere instrumenten, weerbericht, luchtdruk en klimaat.”
Als we dan toch allerlei “weetjes over water” opzoeken…
Wat is een pluviometer en waarvoor dient het?
Een synoniem, of ander woord dat hetzelfde betekent, is: regenmeter.
Wikikids legt het zo uit. “Een regenmeter is een meetinstrument dat door meteorologen en hydrologen wordt gebruikt om de hoeveelheid vloeibare neerslag over een gebied gedurende een bepaalde periode (bijvoorbeeld een dag) te verzamelen en te meten. “